Skip to content
Homilie

Homilie Pater Paul De Bois 18 februari 2026 : Aswoensdag

Bekeer u en geloof in de Blijde Boodschap.

Homilie Pater Paul De Bois 18 februari 2026 : Aswoensdag

In de vroege kerk waren de veertigdagen (of varianten daarop) de tijd waarin de catechumenen zich voorbereidden op hun doop in de paasnacht en de rest van de gemeente op hun doopgedachtenis. Het was een tijd van  bewustwording van de betekenis van het geloof. Dat karakter heeft de Veertigdagentijd nog steeds. Het is een periode van bezinning op je leven en geloof, van bijbel lezen, gebed en (een vorm van) vasten. 

Met het getekend worden met het askruisje en met de daarbij uitgesproken woorden begint voor ieder van ons de ‘vastentijd’ … veertig dagen op weg naar Pasen. 

“Bekeer u en geloof in de Blijde Boodschap.”

Deze korte tekst die uitgesproken wordt is van groot belang. Het geeft immers iets weer van de betekenis van het askruisje, alsook van de weg die we als gelovigen de volgende 40 dagen kunnen gaan. 

Of je de voorbije dagen carnaval hebt gevierd weet ik niet. Voor veel mensen was Aswoensdag vroeger zowat de kater na het vrolijke eten en drinken en de optochten. Plots slaagt het om en staat alles in het teken van boete en inkeer. Plots ga je opnieuw scherp zien dat je fouten hebt, dat je een beperkt mens bent. De as verwijst er naar dat we uiteindelijk allemaal stof zijn. 

Het askruisje heeft een rijke symboliek. In grote lijnen zeg je ermee: ‘Mijn leven is kwetsbaar, ik maak fouten, maar ik wil me opnieuw richten op Jezus en anders leven.’ 

As verwijst naar sterfelijkheid: je leven vervliegt als stof. De priester of dominee zegt ook vaak tegen ieder individu persoonlijk de Bijbeltekst: ‘Je bent uit as gekomen en tot as keer je terug.’ In de Bijbel zie je dat mensen die rouw en boete doen as op zichzelf strooien als zichtbaar teken, zoals wij tegenwoordig zwarte kleren dragen. En er zit nog een praktisch beeld in: as werd vroeger ook gebruikt om te reinigen, als een soort zeep. 

Het kruis is hét herkenningsteken van christenen en verwijst naar de kruisiging van Jezus. Dat het kruisje met as wordt getekend, benadrukt: Jezus deelde ons kwetsbare bestaan—en juist daarin klinkt voor christenen ook hoop en vernieuwing door. 

Iets op je voorhoofd is zichtbaar voor iedereen: het zegt “dit typeert mij”. Met een askruisje laat je zien: kijk, zo sta ik in het leven, kwetsbaar en niet volmaakt, en toch gericht op Jezus. 

De niet-bijbelse lezing van het lezingen getijdengebed komt vandaag uit een preek van paus Leo de Grote (5e E) bij Aswoensdag. Daarin lees ik: “Nu echter de dagen terugkeren waarop de geheimen van onze verlossing hun stempel drukken en die onmiddellijk aan het paasfeest voorafgaan, wordt ons met nog meer aandrang voorgehouden ons hierop voor te bereiden door geestelijke zuivering. […] Dit doet men niet alleen door voedsel te matigen, maar vooral door zich te bevrijden van zijn gebreken, van de gebreken van de oude mens.” 

Broeders en zusters, 

Ik ga nu de as zegenen en er een gebed over uitspreken. Daarna worden we allen getekend met het askruisje. 

Het askruisje doet veel met ons. Alleen al door de woorden die je erbij gesproken worden: “Bekeer u en geloof in de Blijde Boodschap.” Dat komt binnen, die kort geformuleerde uitnodiging: het geeft het gevoel heel kwetsbaar te zijn, en het kan een confrontatie zijn met je eigen zwakheid in het navolgen van Christus. Soms willen we met alle geweld tegen onze zwakheden vechten. We willen en moeten en zullen met Pasen met een zuiver hart de Verrezen Heer bejubelen. En dat is goed. 

Ik wil eindigen met een waarschuwing die Martin Luther 500 jaar geleden reeds meegaf: Echter: hoe streng iemand ook vast en moet afzien, wanneer de achterliggende bedoeling is om zich erop te beroemen, dan is het vasten niet oprecht. Wanneer je wilt vasten, bedenk dan eerst of je een vroom mens bent en op de juiste manier gelooft en liefhebt. Niet met het vasten zelf, maar met geloven en de naaste liefhebben dienen wij God.